Zoeken
  • Tom Schepers

Vasten I - De golven van de Nijl

Tijdens de vasten- en Paastijd doorlopen wij in de Protestantse Kerk van Aalst het verhaal van Het leven van Mozes. Elke week verschijnt een meditatie op de website. Zo gaan wij samen op reis vanuit de slavernij in Egypte, door de woestijn, naar het beloofde land.

In de tijd van de geboorte van Mozes hadden de Egyptenaren hun eigen mythologie. Een van de bekendste mythes gaat over de geboorte van de god Horus. Horus was in de ogen van de Egyptenaren een goede en rechtvaardige god. Ze zagen hem als de eerste farao. Alle farao's die na hem kwamen werden gezien als de belichaming van Horus. Dit is het verhaal van zijn geboorte.


Er waren eens twee goden, de god Osiris en de godin Isis. Osiris was bijzonder machtig en genoot veel aanzien. Hij zou de eerste farao van Egypte worden. Hij had gemeenschap met Isis, en zij werd zwanger van een zoon. Omdat Osiris zo macht was, werd zijn broer Set jaloers en zijn zicht verduisterde. Hij vermoordde Osiris in de hoop daardoor zelf aan de macht te komen. Toen Isis erachter kwam dat haar man was overleden bracht ze zijn lichaam naar de godin Nephthys. Door middel van magie brachten ze hem samen terug tot leven. Dit maakte Set kwaad. Opnieuw vermoordde hij zijn broer, en dit keer scheurde hij het lichaam van Osiris in vele stukken die hij verspreidde door heel Egypte. Nu bleef Osiris in het dodenrijk waar hij zetelde als farao van de doden.


Set wilde de farao van de levenden worden, maar hij had niet voorzien dat Isis zwanger was van een zoon. Deze zoon was de rechtmatige eigenaar van de troon. Isis bracht het kind ter wereld en noemde hem Hores. Iedereen geloofde dat hij de farao van de levenden zou worden. Dit maakte Set woest. Daarom gaf hij de opdracht aan de demonische slang Apophis, de godin van de Nijl, om het kind te vermoorden. Op bijzondere wijze overleefde Horus deze aanval, en later won hij in de strijd met Set over het faraoschap.


Stel u voor dat u een inwoner bent van Egypte in die tijd. U kent deze mythe en bent er heilig van overtuigd dat de huidige farao de belichaming is van Horus. Alles wat u ziet of hoort bevestigd dat deze farao echt goed en rechtvaardig is. Hij heeft het beste met het Egyptische volk voor. Natuurlijk hoort u ook de verhalen van de Israëlitische slaven. Dat gevaarlijke volk groeit steeds meer en meer, en ze aanbidden ook nog eens een andere God. U hoorde zelfs dat er criminelen tussen zitten die moorden en stelen. Het is maar goed dat de farao ons voor dit wrede volk beschermt en de jongetjes in de Nijl laat gooien.


Als wij kijken naar het wereldtoneel, dan is het niet moeilijk om te begrijpen dat de gewone Egyptenaar zo dacht. Kijk maar naar Rusland. De meerderheid van het volk staat achter Vladimir Poetin. Ze geloven echt dat er een genocide van Russen gaande is in Oekraïne en dat Poetin bezig is met een vredesmissie. Dit laat maar zien hoe goed een tyran in staat kan zijn om een volk mee te nemen in een leugen.


Maar opeens hoort u een verhaal van een Hebreeuws jongetje. Hij was net als Horus geboren in het geheim. Net als Horus was hij in de Nijl gelegd omdat de huidige machthebber daar opdracht toe had gegeven. Net als Horus overleefde hij op wonderbaarlijke wijze het vergif van de waterslang Apophis toen hij in de Nijl werd gelegd. Wacht eens even… Er is een nieuwe Horus geboren! En dat betekent ook dat de huidige farao niet de belichaming van Horus is, maar juist de kwaadaardige Set! God gebruikte deze Egyptische mythe om een kosmische oorlog tegen de Farao te ontketenen. Deze oorlog vond en vindt nog steeds plaats op verschillende lagen. Er was een oorlog tussen de Egyptenaren en de Israëlitische slaven. Maar er was ook een oorlog tussen de God van Israël en de Egyptische goden. En dit verhaal - het verhaal van Mozes - weerspiegeld ook een oorlog die telkens plaatsvindt in ons eigen hart.


Laten wij naar de tekst kijken: "Toen gaf de farao aan heel zijn volk het bevel om alle jongens die geboren werden in de Nijl te gooien; de meisjes mochten in leven blijven." (Exodus 1:22) Wie is de farao? De farao in dit verhaal was zeker niet een goede heerser. Hij was Set, een kwaadaardige tiran die het volk onderdrukte. Zo is er ook een tiran in ons leven, en het is belangrijk om deze te leren kennen.


Het is voor ons heel gemakkelijk om te wijzen naar tirannen buiten onszelf. We kunnen naar Poetin wijzen en zeggen: 'Dat is een tiran!' Ook dichter bij huis kunnen wij gemakkelijk tirannen herkennen. Denk aan een vervelende werkgever of leraar, die kunnen als een tiran worden in uw leven. Het kan zelfs dat u in een situatie terecht komt waar een ouder, partner of ex-partner langzaam maar zeker een tiran wordt in uw leven. Deze tirannen dichter bij huis zijn wellicht heel herkenbaar, maar de apostel Paulus wijst erop dat er nog een tiran is die nog dichterbij is. Paulus wijst op de afgoden in ons eigen hart die ons afleiden van een leven met God.


In zijn brieven spreekt Paulus vaak over allerlei passies. In de brief aan de Filippenzen zegt hij bijvoorbeeld: "Hun god [- en ik voeg daar zelf aan toe: 'hun tyran' -] is hun buik, hun eer is schaamteloosheid en hun aandacht is alleen gericht op aardse zaken." (Filippenzen 3:19) Zo omschrijft Paulus dat er allerlei dingen zijn in ons leven die ons veel genot geven, maar ons ook kunnen afleiden van God. Paulus spreekt over goed eten, maar in onze tijd zouden wij bijvoorbeeld ook kunnen denken aan de tijd die wij Nexflixend achter onze televisie doorbrengen. Wij geven onszelf over aan de passies waar Paulus over spreekt op het moment dat deze comfort en dit genot de belangrijkste zaken in ons leven worden. Op dat moment luisteren wij welwillend naar de tirannieke farao en gooien wij ons eigen hart vrijwillig in de Nijl.


In de vierde eeuw na Christus was er een belangrijke theoloog en kerkvader, Gregorius van Nyssa. Hij sprak zijn verbazing uit over hoe welwillend wij vaak zijn om ons eigen hart en het hart van onze kinderen in de Nijl te gooien. De Nijl is het vergif van de verleidende slang, de lange arm van de tiran die ons gevangen houdt. In de Nijl worden wij meegesleurd in golven en golven van leeg genot. Denk maar hoe gemakkelijk het is om op de bank neer te ploffen, Netflix aan te zetten en na elke aflevering opnieuw te zeggen: 'nog één aflevering.' Golven en golven van leeg genot die ons hart gevangen houden.


Maar het verhaal gaat verder. Twee Israëlieten uit de stam van Levi hadden gemeenschap met elkaar en de vrouw werd zwanger. Ze baarde een zoon. In die tijd waren er behoorlijk veel miskramen, en niet alle kinderen waren even gezond. Maar kleine Mozes was een bijzonder mooi en gezond kind. Daarom wilde de moeder zeker niet dat hij zomaar aan de golven van de Nijl werd overgedragen. Eerst hield ze hem verborgen, maar op een gegeven moment wist ze dat ze hem toch echt over moest dragen aan de Nijl.


Iedere moeder die volwassen kinderen heeft zal het dilemma van de moeder van Mozes begrijpen. Elke goede moeder wil haar kind veilig houden en beschermen. Maar elke goede moeder weet ook dat er een punt is waarop ze het kind moet laten gaan. Er komt een moment dat een kind zonder toezicht gaat spelen bij vriendjes en vriendinnetjes. Er komt een moment dat een tiener gaat stappen en later thuiskomt. Er komt een moment dat ze gaan studeren en het huis uit gaan. Elke moeder weet dat ze hun kind op een dag moeten overdragen aan de gevaren en verleidingen van de Nijl, in de hoop dat ze het overleven.


Maar de moeder van Mozes stond het niet zomaar toe dat haar zoon gegrepen werd door al deze golven. Ze bouwde een mandje van papyrus, pek en teer. Het materiaal van dit mandje is veelzeggend. Papyrus is een rietsoort waar het eerste papier van werd gemaakt. Alle boeken in de Bijbel zijn origineel geschreven op papyrus. Van Mozes wordt gezegd dat hij degene was die de Torah, de eerste vijf boeken van de Bijbel, op papyrus heeft opgeschreven. Dus voordat de moeder van Mozes hem overdroeg aan de gevaren en verleidingen van het leven, gaf ze hem een goed fundament mee. Ze legde hem neer in het Woord van God. Maar de Bijbel alleen is niet genoeg. Water sijpelt immers gemakkelijk door papyrus heen. Daarom smeerde ze het mandje in met pek en teer, materiaal van water en aarde. De aarde symboliseert dat het Woord van God gegrond moet zijn in de wereld om ons heen. We mogen leren om het concreet toe te passen. Het vloeibare water laat zien hoe veranderlijk het leven vaak is, en dat wij ook moeten leren om in deze situaties goed mee te bewegen.


De moeder van Mozes legde haar zoon in het mandje van papyrus, pek en teer. Ze legde hem aan de oever, ver weg van de wildste golven. Door dit alles te doen gaf ze hem de grootste kans om te overleven. Even later ging de dochter van de Farao baden in de Nijl. Zij ontdekte het mandje en liet deze halen door haar slavinnen. Ze was diep bewogen en wilde het kind zelf opvoeden. Als dochter van de farao kon ze hem veel leren. Ze zou hem onderwijzen in de Egyptische taal, cultuur, filosofie, mythologie en wetenschap. Ze kon hem voorzien van een adellijke opleiding aan de beste universiteit.


Mirjam, de zus van Mozes, volgde hem op een afstandje en zag hoe de dochter van de farao hem vond. Ze ging gelijk naar haar toe en suggereerde dat ze wel een Hebreeuwse vrouw kon vinden die hem kon voeden. Zo kwam Mozes terug bij zijn moeder, die hem het voedsel gaf dat hij nodig had. Sommige commentatoren maken de vergelijking tussen de moeder van Mozes en de Kerk. Net zoals Mozes mocht terugkeren naar zijn moeder om voedsel te ontvangen, zo mogen wij tijdens ons werk en studie hier op aarde ook telkens terugkeren naar God en de Kerk om het geestelijke voedsel te ontvangen dat wij nodig hebben.


Zoals u ziet zit er veel in deze tekst verpakt. Met de geboorte van Mozes ontketent God een kosmische oorlog tegen de goden van Egypte. Uiteindelijk zou deze oorlog leiden tot de bevrijding van de onderdrukking van de Israëlieten. Deze oorlog is niet alleen een oorlog die plaatsvond in Egypte, maar het vindt nog steeds elke dag plaats in ons hart. Aan het begin van deze vastentijd is het goed om daarbij stil te staan. De daden van de moeder van Mozes wijzen ons de weg. Ze omhulde Mozes in papyrus, en ze gaf hem de voeding die hij nodig had. Zo mogen ook wij op geestelijke wijze voor ons eigen en voor elkaars hart zorgen. Wij mogen ons hart omhulsen met het Woord van God en in gebed de geestelijke voeding ontvangen die wij zo hard nodig hebben. Dit met het geloof dat God ons werkelijk zal beschermen en bevrijden van de tiran.


Wij kunnen het ook heel praktisch maken. Denk aan die passies waar Paulus het vaak over heeft. Die golven en golven van leeg genot. U kan er één uitkiezen en zeggen: 'Voor de komende weken naar Pasen toe laat ik mij niet overspoelen door deze golf.' Tijdens het vasten neemt u afstand van de aarde en richt u zich tot de hemel. Dit vasten kan heel lastig zijn, omdat de verleidingen groot kunnen zijn, en de hemel zo ver weg. Daarom wil ik u ook aanmoedigen met een belofte waar u aan vast kunt houden. Paulus zei in de brief aan de Filippenzen het volgende:


"20 Maar wij hebben ons burgerrecht in de hemel, en van daar verwachten wij onze redder, de Heer Jezus Christus. 21 Met de kracht waarmee Hij in staat is alles aan zich te onderwerpen, zal Hij ons armzalig lichaam gelijkmaken aan zijn verheerlijkt lichaam." (Filippenzen 3:20-21)


6 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven